Uitbundig

Na de eerst lichting kleine voorjaarsbloeiers als krokus en sneeuwklok (grotendeels uitgebloeid) komen ook uitbundige types in beeld. Niet alleen bolgewassen maar ook vaste planten. Een mooi voorbeeld is de bloem van de schoenlappersplant, Bergenia. Toen het nog koud was zag je de dikke knoppen zich al ontwikkelen, en nu steken de bloemen fier op hun stevige stengels boven de leerachtige ronde bladeren uit. Niet fijnzinnig, eerder kloek. Mooi.

Omgewaaid

Budleija’s wortelen ondiep en kunnen daarom windgevoelig zijn. Dat is de reden dat je ze in het najaar al een deel terugsnoeid. Niet helemaal, want ze kunnen nog iets verder invriezen bij koude winters.  maar wat te doen als je een soort hebt die bloeit op ‘oud’hout, de groei van het voorgaande jaar. Als je voor de winter snoeit, geen bloei, als je niet voor de winter snoeit kans op omwaaien in herfst of winter. Deze budleija globosa hebben we als stek van Ernst gekregen in 2014.

Het risico genomen om niet te snoeien en dit jaar is dat verkeerd uitgepakt. De budleija was al eerder omgewaaid, zat nog wel deels in de grond vast. Weer overeind gezet en met paaltje gestut, groeide door. Maar nu ligt ie voor de tweede keer in een week op zijn snufferd, over een paadje en de kleine vijver links.

Ik zal een paar stekken nemen en kijken of die aanslaan.

 

Romeo en Julia

Merelvrouw
Voor aan op het gars, merelman, verder naar achter net op straat merelvrouw

Lunchwandeling. Ik sloeg net de Holsteinlaan in en zag een dode vogel op de weg liggen, een merelvrouw. Ik keek even om naar een geschikte plek om haar in de berm te leggen en zag -licht ontzet- nog een dode vogel liggen, een merelman, 2 meter terug. Wat is hier gebeurd? Beiden tegen een auto gevlogen?  Beiden uit de boom gevallen?

Ze lagen er in ieder geval nog maar kort, geen uitwendige schade te zien en nog slap. Ik heb ze maar bij elkaar gelegd. Helpt de vogels niets, maar voelde voor mij iets beter.

 

Verplaatsen

Wat mist er op foto 1?
Eerder op de zaterdag was het er nog en een uur later niet meer?

wat zie je niet op deze foto?

Ik bedoel niet buurpoes Flock die steeds meeliep.
Wat dan wel?

Altijd nieuwsgierig, die Flock

Een vijftal grote vingerhoedskruid rozetten die aan de voet van het muurtje tussen de blauwe druifjes stonden ontbreekt. Later in het seizoen lastig als de grote bloeiwijzen van de digitalissen ruim een meter hoog worden en een beetje naar de zon toe (en over het pad heen) groeien. NU is perfecte tijd om ze te verplaatsen. Op foto 3 vind je er 3 terug. De andere 2, plus een paar kleintjes staan helemaal achter in de tuin aan de voet van de houtwal. Daar staan ze erg mooi, maar zaaien zich niet uit. Te droog in de zomer. Elk jaar zet ik er weer een op meer neer.

Op foto 1 (en 2) vind je overigens nog een reusachtige vingerhoedskruid, de grootste van ze allemaal. Die heb ik laten staan, haal mogelijk nog wel wat van het blad af dat nu over het grindpad hangt. Gaat een hele grote worden.

Helleborus

Wij hebben een dubbele witte Helleborus in de tuin.
Bloeit vroeg en uitbundig.
En toch, als ik dan weer een enkele zie, zoals deze in de tuin van machteld…
…dan vind ik de enkele toch mooier.
Eenvoudiger.

Helleborus orientalis

Ik was zondagmiddag even bij Machteld (en Nico) die in Haren Oost wonen om een paar eerder toegezegde herfstframbozenplanten te brengen.
Ze wonen op een oude havezathe. Op een groot stuk grond met een singel er om heen, te midden van nieuwere woonwijken. Veel oude bomen, veel stinzenplanten. En veel helleborussen.

Lente binnen

Viel even tegen dat het weer grijs , kouder en winderiger werd.
Na die prachtige lente dagen in februari.
Binnenblijven.

Paar dagen geleden stond Ina opeens op de stoep.
Ina leest al vanaf het begin dit blog ’t Groentje’.
Ina woont op fietsafstand,
heeft een mooie tuin aan de rand van het open Drentse land.
Langs de lengte van haar tuin loopt een enorme forsythia-haag.
En die hadden ze gesnoeid.
En een bosje snoeisel kwam Ina langsbrengen.
Als bedankje voor de vele ‘groentjes’.

Nu is het ook een beetje lente binnen.
Dank je, Ina.

2 maart
5 maart

Vast rondje

Ik heb een paar korte wandelrondjes vanuit huis, als ik even een frisse neus wil halen. Een rondje van ongeveer drie kwartier gaat langs de rand van het dorp. Rechts de weilanden, nu met ganzen, het ooievaarsnest is nog leeg. En aan de linkerhand de huizen, of eigenlijk de achtertuinen. Vlak voordat het pad afbuigt , weer het dorp in, staat een huis met aan de rand van de tuin een serie knotwilgen. In de late winter hebben de wilgentenen een uitgesproken heldere iranjegele kleur. Een paar keer dacht ik al: als ik nu een snoeischaar meeneem, dan knip ik gewoon een paar takjes af. gewoon zo over de heg heen. Twee weken terug zag ik dat een paar van de wilgjes geknot waren. En afgelopen weekend was al het snoeisel verdwenen. Teleurstelling eersts, had ik toch te lang gewacht….

Geknotte wilgen met stapel afgesnoeide twijgen buiten bereik

Toen zag ik in de tuin een grote stapel snoeisel liggen en ik nam me voor even aan te bellen en te vragen of ik een paar van die takjes van de stapel kon meenemen. Ik liep verder om de achtertuin heen, en op te hoek lagen er allerlei twijgen over de heg heen en op het wandelpad. Daar konden ze vanuit de achtertuin niet bij. Kwam dat even mooi uit. Ik had mijn oranjegele twijgjes alsnog en de takjes waren opgeruimd.

De twijgen staan nu even in de gieter met water buiten, terwijl ik nadenk over een mooie plek om ze in de grond te steken.

Aurelia in februari

Vier uur ’s middags.
Op een zonnige en uitzonderlijke warme 28 februari.
Wim was net vertrokken, na een kopje thee.
Op het terras komt nog geen zon, dus de tuinstoelen staan op het tuinpad richting vijver.
Ik zwaai Wim uit en loop terug naar de tuinstoelen.
Om de theekopjes op te ruimen.
Mijn mond valt open van verbazing.

Op de leuning van de tuinstoel zit een vlinder in de zon.
Een gehakkelde Aurelia die op een beschut plekje heeft overwinterd.
Op 28 februari.
Te vroeg natuurlijk, het gaat weer kouder en natter worden.
Ik vertel mezelf dat ze gewoon weer terug gaat naar haar schuilplek.
Samen genieten we van de voorjaarszon.