Verveelt nooit

Ieder keer weer blijven we kijken naar de capriolen van de eekhoorns op de pindafeeder. Vaak koolmezen (3-7), regelmatig de grote bonte spechten (2), en dagelijks eekhoorns: 2 kleinere (1 x met zijn tweeën: kapitein roodstaart en de indiaan (donker start en grijzige strepen op het lijf) en 1 grotere, we denken de moeder (Erica).

Hier Kapitein Roodstaart.

Vlasbekuiltje Rups

Gister tegen 10 uur ’s avonds zaten we nog op het terras. Eindelijk een temperatuur waarbij je een beetje buiten kan zitten. Het was zaterdag ‘maar’ 31 graden geworden. Scheelt toch met de 35 graden van vrijdag. In het westen rommelde het, en weer voortdurend weerlicht. Af en toe een paar druppels maar het terras is overdekt.

Een zwart-gele rups begon aan een epische klim. Van de grond af begon de rups omhoog te krijgen langs een van de pilaren van het glazen dak over het terras. Nog een heel gedoe met al die pootjes. Drie paar voor, dan twee segmenten zonder pootjes, dan 5 paar achter.

Onverstoorbaar klom ie verder omhoog. Waarom? Wie zal het zeggen . In ieder geval genoeg tijd om een foto te maken.

Zondagochtend nog gaan kijken of ik de rups zag. Nee.

De vlinder, de vlasbek-uil, is een wat onduidelijke bruine nachtvlinder. De waardplant is de gele vlasbek, die hebben we niet in de tuin. Maar ook de walstroleeuwenbek. En die hebben we ruim voorhanden. De vlinder foerageert op de spoorbloem. Ook die hebben we in de tuin. Volgens de vlinderstichting is het een zeldzame vlinder.

Aanwaaiers XL

Eerder dit jaar meegedaan met een citizen Science project van de Botanische tuin Utrecht. Een paar weken lang zetten de deelnemers een potje (schone) aarde in de tuin, om te kijken wat er zoal aan kwam waaien.

Niets.

Tenminste niet in ons potje. Mogelijk verdroogd toe we op vakantie waren? Wel een ingewaaid paardenbloempluisje, (nog) geen ontkieming. Na de meetperiode heb ik het potje binnen op de vensterbank gezet, om te kijken in hoeverre er toch nog iets kiemt. Nog niets (eind juni). Misschien was het ook wel wat vroeg in het jaar. Nog weinig planten hebben in mei zaad gezet.

Niet als onderdeel van een citizen science project, maar wel veel aanwaaiers in een handig basket. Vorig jaar hing aan de haak van onze schuur een hangen basket met een ‘vaderplantje, tradescentia, een kamerplant met lange slierten hangen wit-groene bladeren. De plant heeft de winter niet overleeft, maar in de handig basket – die op 1,70 m hoog hangt – is van alles ontkiemd. In ongeveer een jaar tijd, aangewaaid, of weggeslingerd door de plant, ontkiemd en flink aan de groei.

In ieder geval
– teunisbloem, diverse
– verbascum
– vingerhoedskruiden
– walstroleeuwenbekje
– akelei
– diverse brunel
– akkerklokje
– robertskruid
– bosandoorn
– lange ereprijs
– plantje onbekend (viooltje?)
– 2 soorten gras
– wrs boszegge (nu nog te klein)
– (sterretjes?) mos
– verbena (wrs hastata, mogelijk bonariensis)

Clivia

Vorig jaar schreef ik een stukje over de Clivia, of eigenlijk over de naamgever van de plant. Een ouderwetse plant, die bij de buren in het halletje staat. Ik opperde dat ik eens om een stek zou vragen, maar dat kwam er nooit van . Twee weken terug schreef Roos, jarenlang lezer van dit Blog , dat ze hun clivia gingen delen.. Of ik interesse had in een deel (ze wist het nog, dat van die stek).

Vorige week kreeg ik een (letterlijk) doorgezaagde helft van de plant. Een en al wortel. Een Clivia is een tamelijk pietluttige plant, die niet van delen, of draaien, of een te grote pot, of zon , …. houdt. Dat van die ’te grote pot’ las ik pas nadat ik de kluit met veel moeite van oude wortels had ontdaan, de twee dikke stengels nog verder uit elkaar trok, en elk in een ruime pot plantte. Pfff. De plant weer uit de grond getrokken, losse aarde eraf, en veel kleinere pot gepakt. Nu staan er twee clivia’s buiten. Tegen de noordkant van het huis een plekje waar nooit directe zon komt. Eerst maar eens kijken of ze aanslaan.

Roos meldde dat de plant bij hun zomers onder de appelboom staat en s winters binnen. De oorspronkelijke plant kreeg Ben in de jaren 70. Sindsdien hebben Ben en Roos al veel klonen/ delen van de plant verspreid bij familie en vrienden. En wie weet groeien ze nu dus ook bij ons.

De Clivia groeit oorspronkelijk in ZuidAfrika. De hitte van afgelopen dagen komt ze misschien wel bekend voor.

Maai Juni Wel

Het grasveldje hadden we in de maand mei niet gemaaid (Maai Mei Niet). Eerst laten bloeien: de paarse bloemen van zenegroen, hele horde oranje havikskruiden, madelieven. 16 juni, na dagen met regen was het even droog. Mooi om aan het eind van de dag even te maaien.

Maai eerst even 1 baan, riep ik naar Eddy, dan kun je het verschil goed zien. Dat had ik net gelezen in een tuinboek. DE schrijver gaf aan dat het altijd zo/n voldoening g gaf om een een pad in een bloemen weide te maaien. Nou heel even dan. Voldoening. Net genoeg tijd om een foto te maken. En zoemmmmmm, toen kwam Eddy met de maaier en maaide de rest af.

Sindsdien hebben we niet meer hoeven maaien. Het is zo heet geworden dat het gras er even de brui aan geeft. DE halmen houden op met groeien als het te warm is.

Weerlicht spektakel

Het as warm en drukkend, vrijdag 19 juni. Temperatuur boven de 30 graden, broeierig. Op grote schaal onweersbuien en her en der veel wind en/of neerslag.

Rond 11 uur ’s avonds zagen we vanuit het zuidwesten een gebied met enorm veel weerlicht aankomen.

Nog geen regen,
nog geen wind,
nog geen geluid van de donder.
Heel onwerkelijk,


Want er was wel een enorme hoeveelheid weerlichten. De bliksemschichten zelf zagen we nauwelijks, wel het oplichten van de ervoor hangende wolken. Tegen 12 uur begon het te regenen, ook wel wat gerommel. En voor de zekerheid deden we de ramen nu maar dicht. Uiteindelijk niet veel overlast, maar een kilometer of 30 naar het oosten, bij Veendam, was er heel veel schade en zijn veel bomen omgewaaid.

In woorden van Helga van Leur : Holy moly! Dit zijn Amerikaanse toestanden met dat voortdurende geflits! Heb ik in Nederland niet eerder (bewust) gezien…

Felgeel

Op dit moment bloeien er allerlei planten met gele bloemen in onze tuin. Maar geen bloeit er zo knalgeel als de (tweejarige) teunisbloem.Alhoewel … de vaste teunisbloem is nog ‘knallender geel’ ! Ook doordat de schutbladeren van de ongeopende bloemknoppen hier steenrood zijn, in plaats van ‘gewoon’ groen bij de tweejarige variant.

Elk jaar weer een feestje.

Oenothera fruticosa , een of andere variëteit. Denk ik.

Open Tuin Oude Hortus

Op zaterdagmiddag 20 juni was het Open Tuin in de oude Hortus in binnenstad Groningen. Hier is de Botanische tuin, 400 jaar geleden, als privé tuin van Henricus Munting begonnen. In de 20ste eeuw verhuisde de botanische tuin naar de huidige lokatie in Haren. In Groningen is nog maar een klein deel van de oorspronkelijke tuin behouden gebleven, er zijn allerlei nieuwe gebouwen neergezet door de Universiteit. Wat overgebleven is is een kleine groene oase, met veel bomen en schaduw.

Niet alles is nieuwbouw, het huidige Boumansgebouw is een mooi oud gebouw. De twee lezingen van de open middag werden gehouden in de mooie oude collegezaal (Gadourekzaal, vroeger heette het de Prof. Tammes zaal). Nadeel : geen ventilatiemogelijkheid, en buiten > 30 graden betekent… erg warm.
De korte lezingen waren erg interessant: Ida Stamhuis over haar binnenkort verschijnende biografie van Tine Tammer, en Klaas van Berkel over de vroege geschiedenis van / de oorsprong van de botanische tuin in Groningen.

Dood. Niets aan te doen

Afgelopen week is Wim T Schipper overleden, 83 jaar oud. De overlijdens advertentie, van de Stichting Wim T. Schippers, bestond uit de tekst in de titel van dit stukje.

Naast absurdistische programma’s als Sjef van Oekel, ron flon flop met Jacques plafond, bij ons vooral bekend als (de stem van) Ernie uit Sesamstraat. Wat hebben we thuis vaak de sketches na gespeeld. Vooral die over Ernie, die zo’n dorst heeft.

Eerder deze week kwam ik onze straat in. Drie Oekraïense kinderen stonden te kijken bij de stoeprand. En een straatgenoot en zijn zoon liepen er ook naar toe. Zoon met telefoon in de hand. Belde de dierenambulance. Ik zag een dier liggen, dacht even een kat, nee kleiner. Een eekhoorn? Nee iets groter. Het was een steenmarter. De toeschouwers dachten dat het dier net nog even bewogen had. Niet waarschijnlijk, er zaten al vliegen op. Grotere kans dat het dier ‘ s nachts bij het oversteken van de straat is aangereden. De medewerker van de dierenambulance zei (toen de persoon hoorde dat er vliegen op zaten): in dubbele plastic zak en in de grijze kliko. Dat is gebeurd.

Dood. Niets aan te doen.

Maai juni wel

In mei hebben we ons grasveld niet gemaaid. Voor de bloeiende bloemen, insecten. Het voorste deel hebben we begin juni gemaaid, omdat daar de droogmolen staat. Onhandig om anders de was op te hangen. En afgelopen week, toen het eindelijk eens droog as, hebben we de rest gemaaid.

Wil je eerst één baan doen, vroeg ik Eddy. Dan zie je mooi het verschil.
Inmiddels is het hele veldje gemaaid.