Een paar weken terug schreef ik over een paddestoel, de baret-aardster, gevonden in eigen tuin. Best een bijzondere vondst, had ik nog niet eerder gezien. Het exemplaar heb ik ter determinatie aan Richard Dijkstra gegeven, collectiebeheerder in Hortus botanicus Haren en mycoloog. Een mycoloog is een paddenstoeldeskundige.
Richard was een klein beetje teleurgesteld toen ik aangaf dat ik de eerstede naam had bepaald met een foto van obsidentify. Dat is niet echt determineren, vond ie.
Richard heeft onderzoek aan de sporen gedaan en ze onder de microscoop bekeken. Daarmee kwam hij op een andere naam: het is de grote aardster, geestrum pectinatum, en niet de baret aardster.
Waar let je dan op: bijvoorbeeld op de groeven aan de onderkant van de bol. Bij ‘mijn’ exemplaar waren die niet meer zo goed te zien, beetje ingedroogd. De doorslag in de naamgeving is de vorm van de sporen. Bij de grote aardster zijn het een soort bolletjes, met veel of weinig wratachtige uitsteeksels. Hoge wratten, bijna op steeltjes.

Ja, hier heb je echt een mycoloog voor nodig! Daar was ik nooit achtergekomen.
Overigens Obsidentify gaf ook Grote aardster en forse aardster aan, maar slechts 50 procent zeker.