Ben (Charles) Harris

Bij de thee vanmiddag haalde ik een tuinboek uit de kast naast me.
“Gebruik de planten uit uw tuin”, van Ben Charles Harris. De bekende kruidenkenner, staat er op de binnenflap van het boek, maar ik had nog nooit van hem gehoord. Het blijkt een Amerikaan te zijn, uit new England, die vanaf ongeveer 1940 een radioprogramma over de toepassingen van kruiden had. Ook heeft ie later op lokale TV programma’s gehad. Als je op zijn naam googled kom je vooral de ongeveer 10 boeken tegen die hij heeft geschreven, waaronder bovengenoemde. Heb nog een tijd zitten zoeken of ik een foto van meneer Ben kon vinden, maar dat is niet gelukt.

Wel een link naar een interview met hem, van 23 november 1976. Amusant om naar te luisteren. De interviewer probeert Harris steeds uitspraken te ontlokken dat het gevaarlijk is om ‘in het wild’ kruiden te gaan plukken. Consequent veegt Harris die van tafel. Harris is dan (in 1976) al 37 jaar vegetarisch en fulmineert tegen de ‘american garbage’, fast food, dat ook dan al veel gegeten wordt. De hamburgers, hotdogs, slap wit brood, pickles, allemaal ‘poison’ volgens Ben Charles. En coca cola. Ook poison!
De interviewer probeert nog een vraag tussen het betoog van Harris te krijgen. Wat te doen als ik hoofdpijn heb. Don’t eat! Lie down.

Uit het interview leer ik dat Harris van 1940- 1961 “curator of economic botany” was in het Worcester museum of science/natural history.
En in zijn boek lees ik dat 1 van zijn zonen Irwin heet.

Dan over het boek Gebruik de planten uit uw tuin. Alfabetisch geordend, soms een halve bladzijde, soms een paar bladzijden per plant. De ene keer een wat feitelijke opsomming, de andere keer doorspekt met wat meer persoonlijke opmerkingen. Zoals bij de goudsbloem (calendula officinalis), helemaal lyrisch wordt Ben ervan.

O, goudsbloemen. Jullie nemen een voorname plaats in tussen alle tuinplanten. Jullie zijn het makkelijkst te kweken, vragen de minste aandacht jullie bloeien het langst tot de vorst invalt en jullie bieden een maximum aan nuttige toepassingen. Dat is nu wat ik beschouw als een goede, betrouwbare bewoner van een deel van mijn beperkte tuinruimte. Helaas, mijn arme veelgeplaagde vrouw “moet je die goudsbloemen nu werkelijk de hele herfst en winter op alle vensterbanken hebben staan? ” Wel, waarom zouden we ze niet het hele jaar door blijven kweken, de latijnse naam van de plant betekent tenslotte ‘kalender’.

blz 77
Een veld vol, in Kloosterburen, zomer 2018

Eerste rang

Pindacake rechts vooruit

Vanaf mijn vaste plekje op de bank heb ik mooi zicht op de tuinvogels.
Als ik schuin naar rechts kijk, richting de kamperfoelieboom in de voortuin, zie ik een grote cilindervormige ‘pindacake’ hangen. Van 1 liter, doen de vogeltjes lekker lang mee. Ik heb de cake opgehangen in de dichte takkenwarboel van de kamperfoelie. Volop zitplekken voor de kleinere vogeltjes, en lastiger voor de kauwtjes. Af en toe proberen die laatse ook een brok mee te pikken, ik wapper ze zoveel mogelijk weg.
Dit jaar een enorme hoeveelheid koolmezen en pimpelmezen. Bijna elk moment zie ik er wel 1 of meer. Staartmezen komen een paar keer per dag langs, in drukke groepjes. Ook dit jaar weer een stel zwartkoppen, man met zwarte petje, vrouw met kastanjebruin petje. Terwijl ik dit schrijf: drie mannetjes! Af en toe een vink of een mus. Gister de kleine bonte specht ook gezien. Die zagen we vaak in de achtertuin, maar nu een keer in de voortuin.

Vetbollen recht voor me

In de nieuwe amberboom hangt een spiraalkorfje met vetbollen. De pimpelmezen komen hier regelmatig langs, af en toe een koolmees. De roodborsten hebben er wel ogen naar maar kunnen niet zo goed manoeuvreren in de lucht en hangend aan het korfje. Die zitten dus vooral onder de boom, als er een oaar kruimels van de vetbollen op de grond vallen.

Zadensilo links richting achtertuin

Vlak voor de beukenhaag staat een silo gevuld met gepelde zonnepitjes en andere zaden. Favoriete voederplek voor de musjes, die het heerlijk vinden om vanuit de beschutting van de beukenhaag, om de beurt wat zaden te pikken uit de silo. Veel vinken ook hier, zowel op de silo, het plateautje rond de silo en op de grond. Rgelmatig koolmezen en pimpels, de roodborsten ook. Merels natuurlijk. En steeds met zijn tweeen -een paar turkse tortels, een oaan elke kant van de silo, voor het evenwicht. Af en toe hebben we hier bezoek van boomklevers, ook wel bijzonder. Die zien we niet zo vaak vanuit de woonkamer, de zitten meestal verder in de begroeiing van de achtertuin.

Alliums planten

Vorige week nog een paar zakjes bollen gekocht. De rode triumf tulpen heb ik gister al in een grote pot geplant, die staan nu buiten, naast veel eerder geplantte bollen. In de serre liggen nu nog twee zakjes allium bollen.

Purple Sensation, mei 2009

Even opzoeken wanneer ik die het beste kan planten. Nu of in het voorjaar? Bij tuinseizoen.com lees ik dat oktober tot december geschikt is, als de grond al wat afgekoeld is. Dat kan nog net. Ik ga ze in de verhoogde border planten, daar is het droog en zonnig. Alliums houden niet van natte voeten. Ze houden wel van kalk, da’s wat lastig in onze zure veengrond. Als ik er aan denk strooi ik een paar schelpjes er om heen. Heel misschien heb ik nog wat beendermeel in de schuur staan.

Hoe diep planten? Dat hangt van de bol af: bollen van 3-5 cm doorsnee gaan 7-10 cm diep. Grotere bollen wel 15 cm diep. Ik heb 1 witte allium Mount Everest die ruim 1 meter hoog kan worden en 3 paarse, de purple sensation, die een centimeter of 60 hoog worden. Heb ik jaren geleden al eens in de tuin gehad, maar zijn verdwenen.

Gevorkt Heidestaartje

In de Laarmantuin in de Hortus Haren zijn allerlei verschillende biotopen aangelegd. Onderandere een rotsachtig, kalksteenachtig deel met veel lage planten. In de zomer wat hogere begroeining door kruidachtige wilde planten, nu die stengels zijn opgeruimd is er mooi zicht op de mossen en korstmossen. Deze grijzige kussentjes had ik nog niet eerder -bewust- gezien. Zal er gezien de uitgebreidheid van de plek toch al heel lang zijn. Volgens het bordje is het cladonia furcata, het “gevorkt heidestaartje”. Mooie naam, had ik me ook zomaar een vlinder bij kunnen voorstellen.

Kussentjes korstmos

Rond april kan ik hier weer gaan kijken, dan bloeit hier het Wildemanskruid.

Pandhof Sinte Marie

Eerste kerstdag met de hele familie bij Frank en Alice gegeten. Overnacht in Utrecht en de volgende ochtend een wandelingetje door de vredige, vrijwel stille, binnenstad. Op weg naar ons ontbijttentje van vorig jaar kerst, Broodnodig op de Mariaplaats, kwamen we langs deze ‘oude’ kloostertuin, het pandhof Sinte Marie.

Even naar binnen gegaan, de tuin in. Niet door de kloostergang zelf, die bleek zeer veelvuldig in gebruik te zijn als onder andere wildplasplaats. De foto’s heb ik zo gemaakt dat je niets ziet van het afval.

De Pandhof ligt binnen een 11e eeuwse Romaanse kloostergang (kruisgang) behorend bij de voormalige Mariakerk. In 1840 werd op de plaats van het koor van de kerk het gebouw van Kunsten en Wetenschappen (K&W) gebouwd, thans conservatorium. De huidige tuin is in 1973 aangelegd en wordt sinds 1987 door vrijwilligers uit de buurt onderhouden. Er is gekozen voor planten die van oudsher bekend zijn uit kloostertuinen. Een belangrijke plaats nemen de aan Maria planten in waarvan de roos en de lelie het meest bekend zijn. Andere Mariaplanten zijn bijvoorbeeld Lieve Vrouwenbedstro, vrouwenmantel, gebroken hartjes (Mariahartjes), de Mariadistel en het madeliefje.

Sedum

Voor de beestjes laat ik de afgestorven bloemstengels staan. Tot na de winter. Voor de beestjes, maar ook voor onszelf. Als het niet vriest, staan de uitgebloeide sedum schermen er mooi roestbruin bij. En als er vorst over heen gaat, zijn ze als bestrooid met poedersuiker, of wit met een puntmutsje van sneeuw. Lekker laten staan tot het voorjaar.

Kortste dag

De blaadjes zijn zo goed als allemaal van de bomen. Opgeveegd en op een grote bult gelegd om er bladaarde van te maken. Het is de kortste dag van het jaar, 22 december. Beetje miezer soms, zeker niet koud. 2 dagen er voor, half 9 ‘s morgens, prachtige ochtendhemel vanuit het slaapkamer raam.

Morgenrood

Nog drie dagen ervoor, 10 graden en lenteachtig bijna. Mooi weer om de tuin in te gaan. Druif snoeien, losse potten opruimen. De opgepotte plantjes in potten bij elkaar.

Instortende Persicaria

Deze rode persicaria is half ingestort na de eerste vorst een week of twee geleden. Maar nog niet helemaal. Blijft nu dus nog even staan. Als er iets langer vorst overheen gaat stort ie helemaal in, en ligt als een zielig (soms slijmerig) hoopje op de grond. Op enig moment veeg ik die slappe stengels bij elkaar en gaan ze op de compost hoop. Maar nu nog even niet.