Insectenhuisjes

Van Margriet kreeg ik een nieuwsbrief doorgestuurd, van Bastiaan Meijer, kunstenaar en bouwer van roodstenen insectenhuisjes. En niet zomaar een huisje! Want naast liefde voor insecten en de wens daar goed voor te zorgen, heeft Bastiaan veel interesse in architectuur. De insectenhuisjes die hij maakt zijn dan ook vaak replica’s van bestaande gebouwen. Ooit begonnen als een kunstproject: in een tuin in Amsterdam werd een heel ‘dorp’ van enkele tientallen insectenhuisjes geplaatst. Daarna is Bastiaan er mee door blijven gaan. Bij elk huisje dat hij verkoopt vraagt Bastiaan aan de nieuwe eigenaar een foto te sturen waar het huisje is komen te staan of hangen. Op een kaart op zijn website insectenhuisjes.nl zie je de verspreiding van de huisjes. Ook buiten Nederland.

Even zoeken om het huisje van Margriet op de kaart te vinden. Dit is em denk ik.

Van 2 april t/m zondag 26 juni 2022 zal bij Jan Wilde een Tuin in Westerlee, een expositie van een aantal Groninger huisjes gehouden worden. Ik kan je een bezoekje aan de tuin zeker aanbevelen, vooral in de tijd dat de elfenbloemen – epimediums – bloeien. Daar staan er een heleboel van. Hier een paar foto’s uit de tuin toen ik die ik juni 2016 bezocht. Toen waren de epimediums grotendeels uitgebloeid.

Boven: Entree begraafplaats Esserhof (laatste rustplaats van Ome Job, onze voormalige buurman; na zijn overlijden hebben we zijn helft van het huis bij onze helft van een dubbel getrokken).
Onder: Gereformeerde kerk in Kantens.

Scharlakenbos

Vlak bij ons ligt een een oud bos, de Scharlaken hof, naar een oerderij die daar ooit gestaan heeft. Oud is een groot woord, denk maar aan 120 jaar. Doordat omgevallen bomen mogen blijven liggen, of scheef hangen, voelt het wel als een oud bos. Gemengd bos, veel loofbomen als eiken en beuken. En meer aan de rand ook wat berken. Berken leven niet zo lang en hebben zacht hout. Ideaal voor de vele spechten en andere vogels. Op foto 1 en 4 zie je een compleet opengewerkt exemplaar. Met een kadootje van een wandelaar. Op foto 2 en 3 zie je een bevallige dames berk die op hoge halkjes langs het pad lijkt te dribbelen. Die valt nog wel eens om…

Uit een artikeltje in het Harener weekblad van 2017:

In 1844 heette de grond nog de Pieperspoelen en bestond het voornamelijk uit veen- en heidegrond. Rudolf de Sitter kocht het gebied voor een paar honderd gulden en maakte een begin met de ontginning. Er werd een boerderij gebouwd op de plek tussen de huidige begraafplaats en de Rijksstraatweg in: boerderij de Scharlakenhof. Wellicht een boerderij met scharlakenrode luiken? Na de dood van Rudolf de Sitter in 1857, verkocht zijn vrouw het landgoed met de boerderij aan Johan Quintus voor maar liefst 15.000 gulden. Pas rond 1900 werd het huidige eikenbos aangeplant.

Ook in 19e eeuw soms al forse stijgingen van onroerend goed: in een periode van 13 jaar van paar honderd naar 15 duizend gulden!

Sterren en hemelverschijnselen

Kijk omlaag en je ziet sterren.
Bv deze fraaie sterretjes mossen.

Kijk je naar de hemel, dan zie je soms een kring. Zoals deze fraaie halo rond de zon of een beetje mistige weekend middag.

Wandeling langs Paterswoldsemeer

Gister ook nog een regenboog gezien, maar niet op de foto gezet. Zelf er even bijdenken.

Mummie

Als je in een huis woont met een grote kelder (2 x 4 meter oppervlak), en je woont in de helft van een dubbel, en je krijgt de kans de andere helft erbij te kopen. Dan kan het gebeuren dat je dus twee grote kelders van 2 x 4 hebt. In de oorspronkelijke kelder, waar we vanuit de keuken in komen met een vloerluik liggen onder andere de voorraad wijn, pakken sap en andere houdbare etenswaren. De andere kelder is voor non-food. Daar komen we met een deur, en dan (achterstevoren) trapje af. Hier liggen de plantenknollen die vorstvrij moeten overwinteren , en de blikken verf, tuinstoelen, parasol (in de winter). En een hele stapel restanten van plavuizen, van de vloeren in verschillende ruimten van ons huis.

Deze laatste kelder ging ik gister middag een beetje opruimen, en schoonmaken. Er verzamelt zich in de loop der jaren heel wat stof en grijs. Met mondkapje op (tegen het stof) en stoffer en blik lekker bezig. En toen kwam ik deze pechvogel tegen. Pech-amfibie eigenlijk. Die moet van de zomer, toen het kelder raampje open stond, door het rooster naar binnen zijn gekomen, en toen anderhalve meter omlaag de kelder in zijn gevallen. En tja, hij kon er niet meer uit.

Arme kikker
Een vachtje van schimmel, inmiddels ook helemaal ingedroogd.

Als we in het voorjaar de kelderramen weer open zetten moeten we misschien zo’n plankje met treedjes in de hoek van elke kelder overeind neerzetten. Zodat een ongelukkige soortgenoot in de toekomst er zelf uit kan klimmen…

Onderhoud

Met eerst vorst en later regen is de grond verzadigd geraakt met water. Nu het weer warmer en droger is kan de mol weer met groot onderhoud van zijn gangenstelsel beginnen. Want het is bijna zo ver. Van februari tot april is de paartijd. De molman (Momfer) gaat dan op zoek naar een vrouwtje. Door het graven van lange tunnels totdat hij de molvrouw van zijn dromen tegen komt: Molly. Langs slootkanten, in weilanden en ook her en der in een keurig gazonnetje zie je de resultaten van zijn noeste arbeid op weg naar zijn Molly.

Momfer de mol, uit de Fabeltjeskrant 1969.

Tja en als Momfer langs komt op plekken waar je dat liever niet hebt…. dan met een schep de molshopen vlak maken en aarde uitspreiden. Na april is het weer rustig.

Deze man heeft nog wel wat te doen….

Gele bloempjes

Overal zie je nu de toverhazelaars bloeien. Knal geel, maar toch niet altijd meteen opvallend. Dat komt doordat de bloempjes hele smalle gele lintvormige blaadjes hebben die aan het nog kale hout groeien. Als je er een in de tuin hebt staan, of je komt er een tegen tijdens een wandelingetje, ruik dan vooral even aan de bloemen. Er zijn verschillende varieteiten die heerlijk zoet geuren. Best bijzonder in deze tijd van het jaar.

Hamamelis, ook bekend als de toverhazelaar is een breed uitgroeiende struik of klein boompje. Een mooie struik/boom, die geschikt is voor (kleinere) tuinen. Wel zaak om hem ook daar genoeg ruimte te geven, zodat de heester zijn mooie vaasvorm kan krijgen. Naast de vroege bloei en geur, is een ander mooi kenmerk de spectaculaire herfstverkleuring van sommige cultivars.

De toverhazelaar, houdt het liefst van vochtige – maar geen natte -, goed doorlatende lichtzure gronden. Heel geschikt voor in borders of het gazon van (kleinere) tuinen.  Staat het liefst in de zon, maar mag zomers niet te droog worden. Halfschaduw kan ook.
Geef de struik wel ruimte om te groeien, alleen zo kan hij zijn volle en karakteristieke vaasvorm verkrijgen. De struik groeit vooral in de breedte en ontwikkeld veel horizontale takken.

Jaren geleden hebben we een klein exemplaar in de voortuin gehad, maar die heeft de natte grond in de winter niet overleefd. Misschien nog eens proberen met veel grit door de grond heen voor de drainage?

Volgend weekend vogels tellen

Het weekend van 28-30 januari is weer het (lang) weekend om vogels in je tuin te tellen. Een half uurtje maar, en tellen wat je allemaal ziet. Pindasilo’s, zaden en vetbollen goed zichtbaar vanuit huis, verhogen de pret. Daar komt van alles op af. Zoals zwartkopje (man) of grote bonte specht.

Voor de link naar de telling-website, zie hier. Er is ook een webcam te vinden met live beelden van voedertafels in de tuin bij de vogelbescherming. Kun je vast kijken wat daar langs komt. Toen ik net even keek zag ik ….. een muis.

Bol hoofd

Je kunt een tuinbeeld op een sokkel zetten, maar sommige lenem zich ook prima voor een natuurlijke standplaats. Zoals dit bolle hoofd in vork van een oud boompje. Dit kunstwerk staat bij Eef in de tuin. Zo’n 10 jaar geleden had ze het bolle beeld aan haar zus kado gedaan. Mooi symbolisch, twee gezichten, verschillend, maar toch bij elkaar horend. Daar heeft het veel jaren gestaan. Na overlijden van haar zus, naam Eef het beeld weer mee. En het staat nu in de achtertuin.