Uitbundige kleur

Op een regenachtige dag in bij, grijze luchten, buiig, dan weer even droog.
Met of zonder een zonnestraal kan je oog dan vallen op een wolk van kleur, mooi afstekend tegen een loodgrijze lucht.

Het is weer de bloeitijd van de azalea’s. In geel, oranje, allerlei roze tinten. Ze bloeien niet lang, maar als ze bloeien, jongens wat een feest. Wij hebben een kleinen Japanse roze (wintergroen), en twee bladverliezende soorten: zachtgeel en roodoranje. Iets verder op in het dorp een heel straatje met kleurige bloeiers.

Sommige azalea’s zijn ook nog eens heerlijk geurend (azalea lutea). Die van ons niet, die ruiken een beetje naar hasj.

Wortelknolletjes

Afgelopen week veel korte buien, en tussendoor dan soms weer droog. Tijdens zo’n droge periode was ik wat van de vorig jaar opgepotte plantjes in potten aan het schonen: grapjes eruit, als de stek of zaailing de winter niet heeft overleeft, weg ermee. En ook een goed moment om aangewaaide boompjes ui de potjes te verwijderen: meestal zijn dat kleine esdoorns, maar in een potje zat een kleine zwarte els. Toen ik die eruit trok zag ik aan de oranje gele wortels kleine knolletjes zitten.

Hmm, daar was toch iets mee? Foto maken en even zoeken. Ja, gevonden.
Een zwarte els is , net als de berk , een pioniersplant. En in dit geval een die goed uit de voeten kan met hele voedselarme grond. Want wat doet de els (Alnus glutinosa)? De wortels van de boom gaan een samenwerking aan met de bacterie Frankia alni, die in de knolletje wonen en stikstof uit de lucht halen om die om te zetten in bruikbare voedingsstoffen. Als dank krijgen de bacteriën suikers terug van de boom.

Er zijn ook andere planten die zo’n symbiose aangaan met bacteriën, vaak vlinderbloemigen als klaver en erwten. Daarom worden die vaak in moestuinen gebruikt om de grond te verbeteren met de stikstof uit de lucht. Best nog ingewikkeld hoe dat precies werkt. Voor de liefhebber, lees hier meer,

Fluitenkruid

Anthriscus sylvestris of fluitenkruid is een plant uit de schermbloemenfamilie. Eerste helft mei prachtig in bloei. De blei begint soms al in april en kan doorlopen tot juni; ongeveer nu, half mei , vind ik het wel het mooist. Hele wolken langs de kant van sloten, en in bermen. Uit zachtgroen diepgevoelde bulten blad, komt in een paar dagen de bloemstengel met steeds verder vertakkende witte schermbloemen te voorschijn. En heb je wel eens gezien dat elk individueel bloempje in zo’;n scherm een aparte vorm heeft. Let maar eens op. Alle bloempjes hebben 5 blaadjes. Maar niet alle bloemblaadjes (kroonblaadjes) zijn even groot. Als je heel goed kijkt zie je dat er een grootste blaadje is, twee blaadjes die iets kleiner zijn, en de laatste 2 nog kleiner.

Ik heb al eens geprobeerd fluitenkruid uit een berm in onze tuin te zetten, de plek was waarschijnlijk te droog, en fluitenkruid met haar penwortel houdt niet van verplanten. Ook wel eens geprobeerd de roodstelige variant over te houden (plantje van Willy gekregen), maar helaas, mister slak kwam in de eerste nacht al langs: mjam, hap slik weg. Misschien verder op in het seizoen een zaadscherm uit de berm halen en de plant ter plekke proberen te zaaien.
Zo mooi als een grote vlakte met wuivende schermen zal het wel niet worden, maar een eigen fluitenkruid in de tuin heeft wel wat. Ogen dicht en de fluitenkruid geur van de lente opsnuiven.

De foto’s zijn van vanmiddag, parkje om de hoek.

Aanwaaiers

Vandaag was het aanwaaiend dag in de botanische tuin in Utrecht. ieder die meegedaan had met de citizen science actie wanwaaiers, kon potje komen inleveren. Gratis toegang en ook nog een interessante lezing. Helaas lukt het me niet om die dag naar Utrecht te gaan, Groentjelezer Ingrid deed ook mee en is wel gegaan.

Wel heb ik een paar foto;s opgestuurd en morgen komt (na 6 weken ) het bakje naar binnen om voorzichtig eventueel aangewaaide zaden wat verder op te kweken. Want als ik goed op de foto’s kijk, zie ik in ieder geval een paardenbloem pluis op het oppervlak liggen (nog niet ontkiemt), maar er lijken ook een paar miniplantjes te zien zijn. Nog niet te herkennen wat het is.

Epke – acrobaat

Geknaag in de hazelaar. Hazelnoten, niet van onze hazelaar zelf, daar is het nog te vroeg voor. Maar speciaal aangeschaft voor onze eekhoonvriendjes. Als dank komen ze dagelijks hun capriolen uitvoeren, ook aan de pindafeeder voor de foto’s. Op een afstand van 15 meter van het terras. Als wij rustig blijven zitten (met camera met grote lens) blijven zij rustig zwieren, als ware Epke’s Zonderland.

Roodborst

Parmantig in de moerbij.
Of in de fluweelboom.
Pikkend naar kleine beestjes,
zingend in de zon.

Soms op de grond onder de pindasilo.
Daar vallen nog wel eens kruimeltjes neer.

Ergens in de meidoornhaag zit misschien een nest.
Iedere keer vliegt hij (of zij) die kant op de tuin uit.
Of het is toeval.
Ik heb nog geen nest gevonden.

En er zijn minstens drie roodborsten.
Vanmiddag vlogen ze bepaald kibbelend achter elkaar aan.

Botanische tuin Dresden

Laatste vakantie dag : smorgens om half 7 op om nog -voor het ontbijt- een keer naar de Kuhstall te klimmen, een mooie rotsboog. Op dat tijdstip was er niemand, een paar dagen eerder (1 mei, vrije dag/ feestdag in Duitsland) was het hartstikke druk. tegen 8 uur weer in ons hoytel voor het ontbijt, toen met bagage en bus naar Königstein, het dorpje waar we onze wandelvakantie waren begonnen en waar de auto stond. De laatste dag voerde ons naar Dresden, een rustig hotel in de Neustatt. Met een draaie tuin waar nachtegaal en merel om het hardst zingen. Op de andere Elbeoever de Altstatt (mooi herbouwd na de verwoestingen van WOII). Echt zomers, 25 graden! We hadden maar een middag en die besteedden we aan de botanische tuin, het Stads museum (koel en om wat meer van de geschiedenis van de stad te leren), en een leuk italiaans restaurantje voor het diner.

Thunbergia Mysorensis uit zuid India, in de tropische kas. Pas op de foto op het compouterscherm zag ik de miertjes die in de bovenste open bloem rondwandelen.

Dubbel vakantie

Als je eind april, begin mei op vakantie gaat, een week is geboeg, dan is het ook feest als je thuis.
De tuin is veranderd in een paradijs, waar je vol bewondering en verwondering doorheen wandelt.
Van groen en beginnende groei naar een weelderig kleurenspektakel. Genieten om daar gewoon doorheen te wandelen, van het terras naar te kijken, her en der een grasje uit te trekken.

Ontbijt op het terras, en daarna dit fotorondje. Mooi toch?

Scroll maar eens rustig naar beneden. Denk er de fluitende vogels bij.

Vakantie Sächsische Schweiz

Klinkt als zwtitserland, maar is de streek in Oost-Duitsland, ten zuid oosten van Dresden, vlk tegen de Tsjechische en Poolse grens aan. Hier waren we op wandelvakantie afgelopen week. Wat een prachtig gebied. Veel, heel veel rotsen, de kronkelende Elbe en bossen getooid in lentegroen. Veel beuken, bij sommige wandelingen veel dode dennen, geveld door de bastkever (extra in opmars door aantal droge jaren), en soms branden. Triest, soms , als die bomen als mikadostokjes door elkaar en ov er elkaar liggend. En tegelijkertijd op veel plekken een waas van het lichtgroen van jonge berken, zo’;n twee meter hoog, die hun kans schoon zien om uitbundig te groeien. We hadden ongelofelijke bof met het weer (ook hier in Nederland trouwens lazen we in het weerbericht. Voor wandelliefhebbers een aanrader.
En wil je nog wat meer: overal zagen we mensen klimmen met touwen, tegen de vaak bijna loodrechte rotswanden. De naam voor die streek is niet toevallig, al ruim 150 jaar komen hier toeristen genieten van de bergachtige indrukken. Door een combinatie van harde gesteenten en zachte zandsteen, en de eindeloze stroom van de Elbe zijn er fraaie tafelbergen ontstaan.