In Nederland komen ruim 20 soorten hommels voor en daarnaast 7 soorten koekoekshommels. Net als de koekoek (de vogel) legt een koekoekshommel haar eitjes in het nest van een andere hommel. Vaak doodt ze daarbij de koningin van het gastnest.
De grote koekoekshommel is een zogenaamde broedparasiet: ze legt haar eitjes in het nest van een aardhommel. De larven van de koekoekshommel worden dan verzorgd door de werksters van het hommelnest. Vaak lijkt koekoekshommels erg op de hommel waarop ze parasiteren. Zo kunnen ze ‘ongemerkt’ binnenkomen.


De verschillen tussen beide vallen niet erg op, de kleuren zijn bijna hetzelfde, de antenne’s zijn iets meer gebogen bij de koekoekshommel. Een aardhommel heeft haartje/ korfjes aan de achterpoten om stuifmeel te verzamelen en te vervoeren. Bij de koekoekshommel ontbreken die: de koekoek hoeft immers zelf geen voedsel te verzamelen. Dat doet de gasthommel voor haar larven.



















