De Tuinen van Renoir

De schilder Pierre-Auguste Renoir (1841-1919) bracht zijn laatste levensjaren door op Les Collettes, bij Cagnes-Sur-Mer. Op een rustig landgoed, met prachtige olijfbomen, rozentuin, en uitzicht op de Middellandse Zee.
Renoir had het tweede deel van zijn leven steeds meer last van reuma, het wonen in het milde klimaat in Zuid Frankrijk bracht wat verlichting. Vanaf 1910 had hij geen kracht meer in zijn benen en werd met stoel/ rolstoel en al steeds naar buiten gebracht. Bijna dagelijks schilderde hij, in de tuin. Door de reuma waren zijn handen helemaal vergroeid, maar dat stopte hem niet: hij bond de penselen met strippen stof vast aan zijn handen en schilderde door.

Hoe werkt dat bij mij als als ik zo’n tuinboek in handen krijg?
Eerst de voorkant bekijken en de voor- en achterflap lezen.
Dan het voorwoord, in dit geval van een achterkleinzoon van Renoir.
Dan plaatjes kijken, op internet zou je het ‘browsen’ noemen.
Mijn oog blijft lang hangen op de prachtige eeuwenoude olijfbomen, in foto en schilderij.
Middenin beginnen, dan een beetje naar voor en een beetje naar achter bladeren.
Dan even terug naar de index: 5 hoofdstukken en hele serie bijlagen.
Ik begin weer vooraan en sla nu elke bladzijde om: foto’s van tuin, boerderij en omgeving; afbeeldingen van schilderijen van Renoir.
Ik lees de figuur teksten en af en toe een alinea tekst.
En passant krijg ik een en ander mee over het leven van Renoir, in de laatste jaren.
Over zijn vrouw Aline, zijn jongste zoon Coco (Renoir was al 60 bij zijn geboorte), over Gabrielle zijn favoriete model die bij de familie Renoir inwoonde, over Baptisten (tuinman en chauffeur). Over bevriende kunstenaars als Monet, Cézanne en Rodin die op bezoek kwamen.
Ik eindig op bladzijde 100: daar staat een getekende plattegrond van de tuin. Daar pas ik alle fragmenten die ik gelezen en gezien heb in elkaar. Het wordt een geheel. Of zoals de ondertitel van het boek luidt: Een paradijs in Frankrijk.

In dit boek staan plaatjes van de tuinen: naast olijfgaarden en siertuinen, ook een uitgebreide moestuin. Het huishouden Renoir was zelfvoorzienend wat dat betreft. De Nederlandse uitgave is van 1992. Nog steeds lezenswaardig.

Collages

Afgelopen weekend had ik in de Hortus een workshop ‘digitale collages’ maken georganiseerd. Reina gaf de workshop en liet zien wat je allemaal met detailfoto’s van natuurlijke materialen in de Hortus kon doen. Belangrijkste is dat je een smartphone hebt die ‘stickers’ kan maken. Nieuwere uitvoeringen van iPhone en samsung kunnen dat allemaal. Als je het nog niet kent: druk eens op een foto in het fotoprogramma van je telefoon, en dan zie vaak ineens een wit lijntje rond het object of de persoon midden in de foto lopen. Dan verschijnt een menuutje ‘maak sticker’ of zoiets, en voila!
Een plaatjes van dat onderwerp waar de achtergrond van verwijderd is.

Reina liet ons voorbeelden zien van wat ze het afgelopen jaar zoal zelf gemaakt had, eerst caleidoscopische mozaïeken, maar later ook allerlei ‘landschapjes’ . Een tas, een tafelkleed, een kussensloop. Zelfs een vloerkleed van 2 x 3 meter, fotoprints en tegeltjes.

Het middendeel van de workshop wandelden we door de Hortus op zoek naar onderwerpen voor detailfoto’s. Zo grappig hoe je met een kleine instructie al heel anders gaat kijken. Een rood blaadje in de kas met opgedroogde druppeltjes die kalkvlekjes hebben achtergelaten, een dennetakje op de grond, een zaaddoos en een varenblaadje. Belangrijk dat je een foto maakt waarbij de achtergrond niet ’te druk’ is, anders lukt het niet een sticker te maken.

Volgende stap: maak een foto van een rustige achtergrond, een stuk van een muur, een stoeptegel, een houten wandje. En dan ga je met de digitale stickers een mozaiekje maken. Kijk maar eens hoe de elementen van de foto’s hieronder terugkomen in de collages hierboven.

Bij aanvang van de workshop gaf Reina een waarschuwing: pas op, het is verslavend.

Elegante figuren in schuim

Deze bijzonder vormen kwamen we vorige week tegen tijdens een wandeling. Bij het bruggetje aan de oostkant van het Paterswolde meer stoppen we altijd even tijdens een wandeling om over het water te kijken. Een paar van te voren had er ijs gelegen, maar dat was zo goed als weggesmolten. Het was windstil. Op het wateroppervlak waren bijzondere figuren van schuimrandjes te zien, letters, hiëroglyfen, tekens van buitenaardse wezens? Heel intrigerend in ieder geval.

Een beetje zoals kijken naar de wolken en elkaar vertellen welke figuren je in de wolken ziet. Zien jullie ook het omlaag vallende fotootje? Of het mannetje dat een degen voor zich uit steekt? Of een slordige berg met handboeien? Iedereen kan er iets anders inzien.

Sneeuwvormen

Recept voor een sneeuwpop:
men neme een dikke laag plaksneeuw,
rolle er een paar grote ballen van
en stapele die op elkaar.

Voor de ‘garnering’:
steentjes voor de ogen,
wortel voor de neus,
takken voor armen
en eventueel een sjaal of hoed of bezem.


Vaak twee bollen, soms drie, en een enkele keer vier, zoals bij ons op het dorpsplein. Naast de standaard sneeuwpop kun je ook andere vormen tegen komen. In onze eigen tuin stond een paar dagen een sneeuwzeehond en een sneeuwkat. Bij Roel om de hoek een reusachtige sneeuwslak en een sneeuwkomodovaraan (!), en een eindje verderop een sneeuwpoes op een autodak.

Vorig jaar hadden we een sneeuwkonijn in de buurt en om de hoek (ook door Roel gemaakt weet ik nu) een konijn en een pinguïn. Nog andere figuren gezien?

Wunderkammer

Een Wunderkammer of rariteitenkabinet werd populair in de 17e en 18e eeuw. Het was de tijd van de ontdekkingsreizen en van die (zee)reizen werd van alles mee naar huis genomen: fossielen, mineralen, schelpen en opgezette dieren. Deze rariteiten werden thuis in een mooie kast en later in speciaal daarvoor ingerichte kamers tentoongesteld. Meestal was zo’n Wunderkammer bedoeld om mee te pronken, alleen rijke mensen konden het zich veroorloven. Later werd het ook gebruikt voor educatie.
En nog later, toen de verzamelingen te groot werden, groeiden ze uit tot musea.

Musei Wormiani

De naam rariteitenkabinet lijkt aan te geven dat het allemaal rare dingen zijn. Het woord rariteit heeft in de meeste gevallen (*) niets te maken met raar. Het is afgeleid van het Latijnse woord rarus dat zeldzaam of schaars betekent.

Natuureducatie

Vandaag waren we in het Natuurmuseum van Klaas Nanninga in Groningen. Een uit de hand gelopen hobby van een bevlogen verzamelaar en verteller. Zijn hele huis staat en hangt hutje-mutje vol met het prachtigste natuurhistorisch materiaal. De privé collectie is op afspraak te bezichtigen. Klaas haalt het materiaal overal en nergens vandaan, als individueel specimen komt elk vogeltje of vlindertje of botje binnen. En dan gaat Klaas aan het werk om er een mooie voorstelling van te maken, in kleine diorama’s, zelfgetimmerde kasten, en met aandacht voor details en esthetiek. Een rondleiding door het museum (het huis) duurt al gauw anderhalf uur, en Klaas zit vol met boeiende verhalen. “Er komen veel schoolklassen langs“, zegt Klaas, “maar ook internationale studenten, toeristen en gezinnen“.

Veel mensen zullen een kleine collectie hebben, stenen van vakantie meegenomen, schelpen, of een collectie zand of dennenappels. Zo was Klaas ook begonnen: als 10 jarige jongen had hij een paar verzamelbakken met schelpjes. Bij ons thuis is het beperkt gebleven tot een paar planken in een vitrinekast, bij Klaas is zijn hele huis een Wunderkammer geworden.


(*) Er zijn uitzonderingen: In het rariteitenkabinet Gribus op Schiermonnikoog zie je wel degelijk hele vreemde samenvoegsels van dieren. Soms doet de natuur dat zelf, zoals bij een vogelbekdier, maar bij Gribus hebben de mensen een handje geholpen.

Hout

Een omgevallen boom, die al een tijdje ligt.
Schors afgeknabbeld, opgegeten, weggeschimmeld in de loop der jaren.
Dan kun je mooi de nerfstructuur in het hout bekijken.

Of er een tekening van maken.
Versimpeling van de werkelijke structuur, met gebruikmaking van de natuurlijke kleuren.

Boom in Scharlakenbos, zaterdag 6 december.

Digitaal doedelen op de iPad

Zit je ook wel een te ‘doodlen’, spreek uit ‘doedelen’. Tijdens een telefoongesprek, met de krant op schoot, en dan op een hoekje van de krant allemaal figuurtjes of lijntjes maken. Een veel voorkomend tijdverdrijf in de klas of tijdens colleges. Kan dus ook op de iPad. Met elementjes uit een foto, mozaiekjes maken. Digitaal doodlen.

Binnenkort komt er een workshop in de Hortus. Ik was de instructie van Reina aan het uittesten, met bovenstaande plaatjes als resultaat. Inschrijving geopend.

Onophoudelijk

Op 21 november begint het te sneeuwen, en het houdt niet meer op.

Dikke vlokken dwarrelen.
Eindeloos neer.
Soms even omhoog,
met een windvlaag.
Onverbiddelijk weer neer.
Elke sneeuwvlok:
Anders en uniek.
Samen:
koud water

Hier in Groningen heeft het ongeveer twee minuten gesneeuwd, de straat werd niet eens wit. Maar als je zo, vanuit de erker naar de grote vlokken tegen de grijze hemel kijkt …. dan kun je je voorstellen hoe het is als het echt continu doorsneeuwt. Uur na uur.
Hier gewoon een loopje van 2 seconden, hier niet elke sneeuwvlok anders, als je good kijkt zie je ze weer opnieuw langs dwarrelen na 2 seconden.