De Abessijnse gladiool (officiële naam: Acidanthera of Gladiolus callianthus ‘Murielae’) staat weer een bloei op het terras. Een echte zomertopper. Mooie bloemen, heerlijke geur. Daarom is het planten in potten en ze dichtbij op het terras zetten ook zo’n goed idee. Wel elke winter naar binnen halen en de bolletjes in koele kelder of zo laten overwinteren.
We konden het vanuit eigen tuin niet zien, de gedeeltelijke zonsverduistering van 12 augustus. De zon stond laag boven de horizon, start verduistering iets over 7 uur, maximale bedekking 10 over 8, en tegen 9 uur ’s avonds was het voorbij (en de zon bijna onder). Met een paar honderd andere geïnteresseerden zochten we de oostelijke oever van het Paterswoldse meer op. Gezellige boel, prachtig weer, mooie zomeravond. Vogels gingen eerder naar bed.
Foto’s van Eddy, met een speciaal zonnefilter voor de camera.
Als bonus die avond, wél vanuit eigen achtertuin: na het donkerworden, tot ongeveer half een ’s nachts op de achterovergeklapte tuinstoel naar de hemel liggen kijken: de jaarlijkse perseidenzwerm van 12 augustus was goed te bekijken : geen storend maanlicht dit jaar, geen wolken, aangenaam warme zomeravond. Perseiden worden ook ‘vallende sterren’ genoemd. In werkelijkheid zijn het kleine stofjes, resten van een lang geleden uit elkaar gevallen komeet. Die draaien in een grote kring rond de zon en jaarlijks rond 12 augustus beweegt de aarde door die ijle wolk van stofjes heen. Als zo’n stofje in de aardatmosfeer komt verbrand die en laat daarbij een lichtend spoor aan de hemel (‘de vallende ster’) zien voor een deel van e
Als het zo warm is is echt actief bezig zijn in de tuin niet zo handig. Of alleen ’s morgens vroeg. Dan is een beetje keutelen met kamerplanten of de planten op het terras een mooi klusje. Naast waterwegen, dat moet nu bijna dagelijks.
We hebben inmiddels een forse verzameling geurgeraniums, nu op het terras en op een plantentafel, ’s winters binnen. Het zijn pelargoniums, en geen geraniums, maar die naam wordt nu eenmaal veel gebruikt. Ze zijn niet winterhard, dus elke (laat) najaar, eerst naar binnen in de serre en vervolgens naar de logeerkamer en vensterbank studeerkamer. Logeerkamer is beter, want daar is het koeler ’s winters.
Het is voor mij een ‘zen’-achtig werkje om de uitgebloeide bloemen en verdorde blaadjes te verwijderen. Ik ben nu een beetje aan het experimenteren met snoeien in verschillende tijden van het jaar. En het snoeisel? Dat steek ik met 4 tegelijk in een vierkante pot. De pelargoniums stemmen zo makkelijk te stekken dat ze bijna allemaal aanslaan. Dus ik krijg er meer en meer. Oplossing: meegeven aan liefhebbers. En op de plantenmarkt eerder dit jaar in de Hortus heb ik een heel aantal meegegeven aan de IVN wildeplanten werkgroep. Voor de verkoop op de plantenmarkt. Tijd om weer een extra zak potgrond te kopen om de goed aangeslagen stekken van vorig jaar elk hun eigen pot te geven.
Tijdens het keutelen met de planten kom je nog wel eens wat tegen. Een bruine kikker die zich tussen de planten verstopt; spinnen of hooiwagens tussen de bladeren, allerlei vliegen insecten op de bloeiende bloemen. En ook een wants heeft een van de planten gevonden. Wantsen leggen hun eitjes vaak keurig in groepjes tegen elkaar. Hier de restjes van de inmiddels uitgekomen eitjes. Het is een of andere schildwants,. Welke? dat kan ik niet zeggen aan de hand van de eitjes. De beestjes zelf zijn inmiddels elders (of verborgen in het groen).
Niet alleen het weer was extreem heet afgelopen donderdag en vrijdag. Hier in Haren respectievelijk 31 en 35 graden. Ook de pepers die in een pot op het terras staan zijn zeer heet. Ze heten dan ook niet voor niets “Fiery Flame’. De eerste keer deden een hele peper in de nasi, en laten we zeggen, dat was pittige nasi! Nu doen we, afhankelijk van hoelang de peper meebakt meestal een halve peper in het eten. En heel goed oppassen om niet met je peper-handen in de ogen te wrijven, hè Eddy!
Ik zal de rode exemplaren een dezer dagen oogsten en in kleine porties in de diepvries doen. Lekker warmte voor op een koude winterdag.
Ze was al af en toe langsgekomen, en deze week weer. Toen we op het terras zaten. Eddy spurtte naar binnen om de camera met grote telelens te halen. Met hieronder een paar resultaten.
De kolibrievlinder kan met haar lange tong (op de foto’s grotendeels opgerold) heel goed nectar uit diepe buisbloemen halen. De lichtroze bloemen van het zeepkruid zijn hier al aan het verwelken (van de warmte/droogte) dus niet zo makkelijk om uit te drinken.
Gisterochtend (zaterdag) waren we nog iets te vroeg om boodschappen te gaan doen. Het was half acht, mooi tijd om nog even een klein rondje door de tuin te maken. De kleuren zijn prachtig.
Op de laatste foto rechts, de door de nog lage zon aangelichte halmen van stipa gigantea. Nu snap je waarom ze in het Engels ‘golden oats’ (gouden haver) heten.
Veel bloemen die omvallen, omdat ze te groot zijn, omdat het zo warm is, of omdat we er tegen aanlopen, knip ik af. Aan de rand van het terras staat zoals elk jaar, een grote vaas, waar elke geknipte bloem ingaat. Zo zag de vaas er afgelopen week uit.
Nu zitten er nog een paar knaloranje crocosmia’s in. Lekker contrast met het intens paarsrode van de kattenstaarten.
Een kleine selectie van bloei in onze tuin op 1 augustus. De gele rudbeckia begint net te bloeien, de zomer fijnstraal (de witte madeliefachtige bloempjes) bloeit al meer dan een maand. De hortensia’s op de eerste foto bloeien nog wel, al enkele weken, maar beginnen een beetje ‘vermoeid’ te raken.
De floxen krijgen drie foto’s. Ze staan op een plek waar we ze niet kunnen zien vanaf het terras, helemaal verstopt achter helianthussen en hoge heleniums en veronicastrums. Ze stonden ook nog eens onder de grote nieuwe takken van de rosomultiflora die inmiddels wel 10 meter hoog in de wilde pruimen is gekropen.
Opnieuw neem ik me voor (veel) meer floxen te planten, en dan ook een stuk dichter bij het terras. Want ze ruiken echt heerlijk. Ik ben ze van dicht gaan bekijken en beruiken. Op foto nummer vier, zie je hoe ver de floxen van het terras (de kasachtige constructie op de achtergrond van foto 4) staan. Laat was ik bij tuinliefhebber Willie in de tuin (waterplantjes brengen voor de loopeenden) en zag daar veel flox, een een mooie knal paarsrose. Ook mooi. Wij hebben naast de flox op de foto nog een bos spierwitte . Daar begint nu net de eerste bloem van te openen. De witte staan in de schaduw.
Vandaag was een perfecte zomerdag hier in het noorden. Niet te warm, s ochtends 22 en de tweede helft van de middag zo’n 25 graden. Veel mensen zijn op vakantie en het is rustig in het dorp. Thuis, op het terras, boekje erbij, en uitkijkend over de tuin. De krekels krekelen continu. De vogels en vlinders en bijen zijn continu in de weer.
Afgelopen week heeft Eddy flink gesnoeid aan de egelantier die inmiddels reusachtig is geworden. Daarna komt altijd nog het minstens evenlangdrrende klusje van het opruimen van het snoeisel. Priktakken van rozen en meidoorn en braam gaan bij ons altijd in de groene kliko (weer hutje mutje vol); andere takken gaan in stukken op de grote houtwallen achter in de tuin.
Onder de egelantier kwam een grappige zegge vandaan, de morgensterzegge. Met hele leuke stervormige knotsen als bloeiwijze. je kunt een zegge onderscheiden van een gras door de vorm van de stengel van de bloeiwijze : bij een zegge is die driehoekig, bij een gras is die cirkelvormig , bv een stip gigantea.
De morgensterzegge is in het wild een zeldzame plant. In tuinen wordt hij regelmatig gebruikt, vanwege de bloeiwijzen, die ook gedroogd goed dienst kunnen doen in bloemstukjes.