Vogelverhalen: Thomas

  1. Hoe komt het dat Willie in de achtertuin geen slakken heeft en in de voortuin wel?
  2. Waarom draagt Willie een boerenzakdoek op haar hoofd?

Als je bij Willie op bezoek gaat in de tuin kom je er achter. Zaterdag was ik even bij Willie en Gerard op bezoek. En wie Thomas is? Niet de hond, die heet Okke en zat binnen. Thomas is een van de drie loopeenden die Willie heeft aangeschaft om de slakken in de tuin op te eten. Thomas is het mannetje, donkerbruin, met een fiere krul in zijn staart. En twee witte dames. Werkt heel goed. In de omheinde achtertuin scharrelen de eenden de hele dag rond. ‘s Avonds gaan ze in een zelfgebouwde ren.
Ze komen niet in de voortuin, ergo, daar wel slakken. Net als in onze tuin, is het bij Willie een grote , weelderige plantenzee.
Geinig die eenden. Een nadeel. Thomas heeft nogal een opvliegend karakter (of wil zijn dames goed beschermen). Okke, de hond kan niet vrij in de tuin rondlopen als de eenden buiten zijn. Thomas rent meteen naar hem toe en begint de veel grotere hond te pikken. Die reageert uiteraard geergerd, en dan moeten Willie en Gerard tussenbeide komen. Okke kan de eenden in een hap verwonden of zelfs doden als ie aangevallen wordt. Dan Okke naar binnen of toch buiten, en dan in zijn bench. Maar ook daar heeft de felle Thomas de hond al eens verwond. Gelukkig vind Thomas mensen blijkbaar geen indringers die verjaagd moeten worden.

Thomas de loopeend en zijn dames

Zo kom je meteen bij antwoord op vraag twee. Willie draagt een boerenzakdoek als bescherming tegen de zon. Een tweede reden is dat je Willie dan terug kunt vinden in de tuin!. Anders verdwijnt ze tussen het groen.

Houd je duim maar eens voor de zakdoek: dan zie je pas wat voor een schutkleur Willie hier heeft.

Het bezoekje was eind van de middag, Willie begon mij aan te wijzen aar overal clematissen zitten. Hier kijkt ze naar het westen, laagstaande zon. Willie heeft er tussen meer dan 10.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *