Dwingelderveld

Nog een keer hei dit jaar dan. De grote oversteek van het Dwingelderveld, vanaf Ruinen naar Beilen. Een wandeling van 22 km (etappe 1 van het Drenthepad). Grote delen van de hei waren nu uitgebloeid, de zware honinggeur verdwenen, de bloemen een beetje bruinig, met hier en daar een toefje lilapaars. Wat verder naar het noorden kwamen we in nattere heigedeelten met verschillende vennen. En hier was er meer kleur, en op 1 plek ook weer een enorme geur. Heerlijk.
Schrijf vast in je agenda van volgend jaar: 2e helft augustus: wandeling over de hei. Je wordt er blij van.

Het lichtste blauw

Jaren lang had ik een stek van een clematis in een pot. Hij groeide niet, ging ook niet dood. Ik dacht dat het een stek was die ik genomen had van de clematis bij de buren. Donker paarsrood. Vorig jaar zette ik de clematis maar in de volle grond, onder de klimroos. Wel wat groei en blad, maar geen bloem. Dit jaar zette de groei goed door en nu is er een bescheiden wolk aan bloemen. Mooi te zien vanaf de keuken. En van een heel licht blauwe kleur. Zeker geen stek van de buren, waar dan wel vandaan?

Toen ik een aantal weken geleden bij Willie in de tuin was zag ik daar net zo’n clematis bloeien. Ik heb die stek vast van haar gekregen, jaren geleden.

Nu nog kijken of ik achter de naam kan komen. Het lijkt erop dat het clematis ‘Praecox’ is. Die zou je eigenlijk sterk moeten snoeien omdat ie op 1jarig hout bloeit. Hmmm, misschien eerst nog wat meer door de roos laten groeien en weven, die is ook reusachtig.

Hortulanus: bezoek en archief

Afgelopen week kwam een van de vroegere Hortulanussen van de Hortus in Haren op bezoek. Hij is inmiddels 90, en woont in Brabant. Af en toe komt hij naar Haren (zoon/schoondochter wonen hier), en bezoekt dan ook vaak de Hortus. Ik had met hem afgesproken om een interview te houden over zijn tijd in de Hortus (begin zestig tot eind jaren 80 van de vorige eeuw). Cees Verloop bleek vol verhalen: over de verhuizing van de oude naar de huidige Hortus, over de bouw van de tropische kas, de aanleg van de rotstuin en het ven. Ook wat smeuïge verhalen over onenigheid die er binnen de universitaire wereld regelmatig is : onder professoren.

Op de foto staat Cees op het steile paadje in de rotstuin. Bij de oorspronkelijke aanleg vond de hoogleraar botanie destijds dat zo’n steil paadje niet kon. Veel te gevaarlijk. Cees zette door, en laat zien dat je ook als 90jarige nog (voorzichtig) de berg op kan.

Cees Verloop op het ‘brekebeenpaadje’

Cees had ook twee flinke dozen meegebracht met zijn archief. Een serie plakboeken en multomappen vol met krantenknipsels , boekjes, posters van activiteiten en foto’s. Een stukje Hortus geschiedenis.

Foto uit archief Cees Verloop, 1983. De vaas in de kruidentuin had toen nog het tuitje (puntje) er boven op. Ergens tussen toen en nu is dat tuitje verdwenen/ eraf gevallen.

Crocosmia

Dit jaar zijn we bezig de reusachtige persicaria polymorpha langzaam uit te putten. Lang geleden een stuk van Jitske gehad. En jaren;ang vormde deze persicaria een enorme pol , 1,5 tot 2 m hoog opschietende stengels, met een wolk van roomwitte bloempjes. De groeikracht is enorm. Bij het uitlopen in het voorjaar kun je er bijna naast gaan staan met een meetlint.Zo’n 15 jaar bleef de pol goed op zijn plaats, werd wel steeds weer een stukje breder. Alles wat in de buurt stond, zoals de felrode crocosmia lucifer werd onder de bult van persicaria bedolven.

Dit voorjaar begonnen ‘stelen’ te trekken, elke keer als de plant weer tussen de 20 en 50 cm was. Resultaat, geen blote, maar wel uitlopers die zich verder verspreiden. Jitske heeft er drie jaar over gedaan de plant in haar tuin weg te krijgen. Wij zitten in jaar 1. Om het temp wat te helpen afgelopen weken besloten toch ook de wortels te lijf te gaan. Houtige wortelknoedels van soms wel 10 cm in doorsnee. Gelukkig is het ‘hout’ behoorlijk zacht, makkelijk met de spade in stukken te hakken. Wel moet elk stuk wortel uit de grond.

Begin van de week vroeg ik Eddy verder te gaan met het ‘uitroeien ‘ van de persicaria. Ik wees hem aan hoe de persicariabladeren eruit zagen, en vroeg om voorzichtig om het longkruid heen te werken (dat is niet zo stevig). Gewapend met handschoenen en schep ging ie aan de slag. Na twee uur vroeg Eddy of ik even kwam kijken. Oei! Er was meer uitgeschept dan mijn bedoeling was. Naast de persicaria polymorpha had Eddy ook een grote pol persicaria amplexicaulus eruit gehaald (persicaria is persicaria). En ook veel stengels van de crocosmia, helemaal verdroogd, boven de grond verwijderd.

Geen probleem. Ik ging aan de gang vandaag met het verwijderen van alle crocosmiaknollen en worteldelen van de persicaria.Een klein deel van de knollen plantte ik terug. De crocosmia maakt ’torentjes’ van knollen, elk jaar een nieuwe knol boven op de oude. Deze bovenste knolletjes gaan het volgend jaar weer bloeien. Het verjongen van de croscosmia was ‘long overdue’ zoals de Britten zeggen. Er waren torentjes van 13 knolletjes boven op elkaar. Dat is 13 jaar groei… Advies is elke 4 -5 jaar verjongen.

Er is een stuk van bijna 4 vierkante meter vrijgekomen, maar daar kunnen we de komende 1-2 jaar geen kwetsbare planten of struiken neerzetten. Grote kans namelijk dat we nog enige jaren in het voorjaar scheuten van de persicaria polymorf zullen zien opkomen. In de gaten houden dus.

Voor de korte termijn heb ik na een ronde langs alle opgepotte planten in de tuin, een flink aantal daarvan in de volle grond gezet, op het kale stuk. Vergeten een foto te maken, volgt.

Bessen in soorten en maten

Dit zijn ze nog niet eens allemaal, de bessen in onze tuin. Bijvoorbeeld de lijsterbessen staan niet op de foto (vooral omdat ze vrijwel allemaal al door de merels zijn opgegeten). Ook de zwarte bessen van de liguster ontbreken, en de paarszwarte bessen van de lonicera nitida. En de bessen van de van de cotoneasters en sneeuwbes (symphoricarpos), en de langwerpige besjes van de zuurbes. En ik ben er vast nog een paar vergeten.

De bessen van de klimop zijn nog niet rijp. Net als de taxusbes, derde foto: je ziet al wel de pit, die straks diepzwart wordt. Het framboosrode vruchtvlees moet nog aangroeien.

Klimopviooltje

Viola hederacea is een klein snelgroeiend kruipend viooltje uit Australië met leuke blauwwitte bloemetjes op steeltjes. Ze blijven het hele jaar door verschijnen, schijnt het, als je de uitgebloeide bloempjes weghaalt. Het plantjes is matig tot niet winterhard. In de tuin geplant kan het een leuk tapijt vormen, dat lang bloeit maar bij de eerste vorst afsterft. Binnen is het plantje te overwinteren, vorstvrij. Dat ga ik proberen.

De plant komt uit Australie, maar wil wel halfschaduw en vochtig gehouden worden. En ook kalkarme grond, nou daar kunnen. we voor zorgen bij ons in de tuin.

Als tip las ik dat de plant erg leuk is in een hangpot of hangen basket, waar ze als een meterslange waterval gaat uithangen. Dat is iets voor volgend groeiseizoen.

Collage

Deze foto ziet er- toeval- een beetje uit als een collage. Je ziet een hommel hangen, een los bloempje links onder, en de bloemtuil van een verbena aan de rechterkant van de foto. De hommel en het lossen bloempje lijken erin de zijn ‘gefotoshopt’. Een beetje onwerkelijk.

Is niet zo. De hommel had zich net te goed gedaan aan de nectar in de bloemen, en heeft zich net weer afgezet om weg te vliegen, tong nog uitgestoken. Het bloempje waar ze zich vanaf afzette viel af en zweeft nog net in het beeldveld van de foto.

Mollengangen

Een paar maanden hebben in een grasperkje aan het eind van de straat rijplaten gelegen. Er waren bouwwerkzaamheden in de buurt en er stonden allerlei containers en bouwmaterialen. Vorige week zijn de ppalten opgeruimd. Het gras is na die maanden helemaal verdwenen. Erg grappig om te zien was het hele netwerk van gangen dat een mol (denk ik) ter plekke heeft gemaakt.

Best kunstzinnig. meestal zie je alleen her en der een molshoop, en niet hoe het gangen stelsel eruit ziet. Met doorgaande wegen en doodlopende gangetjes.

Persicaria amplexicaulis

Een dankbare tuinplant, lang bloeiend in de nazomer. Mooi als flinke bos, maar pas op in te kleine borders. Al met al is het een forse, tot ongeveer 1 meter hoog, die zich geleidelijk uitbreid en over kleinere omgevingsplanten heenwalst. Bekend van allerlei Piet Oudolf-tuinen, vaak in combinatie met siergrassen. Deze tijd van het jaar een veel door insecten bezocht bloeiende plant. Wij hebben vooral de donkerrode Persicaria amplixicaulis ‘firetail’. Ook een aantal van de iets minder sterke lichtroze bloeiende Persicaria amplicaulis ‘rosea’. Het maakt de bijen niet uit.